in uw blanke arm ontfaen,

so heeft dat lose schrivertje

ooc anders niet misdaen.’

10‘Com af, com af, loos schrivertje!

behouden is jouw lijf,

dat heeft ghedaen een vroutje,

so riken lantsheer sijn wijf.’

11‘Heeft dat ghedaen een vroutje,

so riken lantsheer sijn wijf,

behouden moet si haer eertje