met groote deftigheid;

hij ziet zoo moedig als een beer,

hij vlamt maar op den strijd,

hij schroomt voor geen bebloeden kop,

hij zet zijn huid geweldig op.

rob dob enz.

4Waar dat hij komt, hij speelt den baas,

wie schrikt niet voor zijn stem?

het krijgsmuzijk is tromgeraas,

dat geeft zijn ijver klem.