Christenen, wie gij zijt,

luistert met naarstigheid,

geeft agt en wilt opmerken,

den joodschen wandelaar

kwam op zondag in de kerke

in Engeland voorwaar.

Ferner das Lied von der fluchenden Wirthin, die in ein Pferd verwandelt ward: Een ware beschrijving van een waardin, die door haar valsch vloeken in een paard veranderd is (vgl. Grimm, Deutsche Sagen 1, 284):

Aanhoort dit lied, gij christelijke scharen,

bij Baresteen is dit onlangs geschied

van een waardin—’t zijn droeve maren—