de takken zijn zwak ende dragen mij niet.’
4De heer werd toornig ende gram,
hij zelver op den boom op klam.
5‘Nu is mijn heer gevallen dood,
hoe krijg ik nu mijn verdiende loon?’
6‘Uw verdiende loon krijgt gij wel,
daar zijn nog rossen en wagens op stal.’
7‘Rossen en wagens begeer ik niet,
maar de jongste dochter en verzweer ik niet.’
8Nu is de knecht geworden een heer,