bij haar sneeuwwitte hand,
hij leidde ze alzoo verre,
schier over der heiden,
daar zij een bedje vand.
5Daar lagen zij twee verborgen
die lieve lange nacht
van den avond tot den morgen,
schier over der heiden,
tot scheender den lichten dag.
bij haar sneeuwwitte hand,
hij leidde ze alzoo verre,
schier over der heiden,
daar zij een bedje vand.
5Daar lagen zij twee verborgen
die lieve lange nacht
van den avond tot den morgen,
schier over der heiden,
tot scheender den lichten dag.