Bij nacht zijn alle katten graauw. By night all cats are grey.

Bijt mij niet, ik heet beetje; had ik een staartje zoo was ik een leeuwtje. Bite me not, my name is little grizzle; had I a little tail I should be a little lion.

Blaffende honden bijten niet. Barking dogs don’t bite.

Blijven doet beklijven. Biding makes thriving.

Bloemen zijn geen vruchten. Blossoms are not fruits.

Boomen die men veel verplant gedijen zelden. Trees often transplanted seldom prosper.

Booze reden bederven goede zeden. Evil words corrupt good manners.

Borgen maakt zorgen. Borrowing brings care. (He that goes a borrowing goes a sorrowing.)

Brood bij de ligt, kaas bij de wigt. Eat bread that’s light, and cheese by weight.