Hij legt zijne eijeren buiten zijn nest. He lays his eggs beside his nest.
Hij loopt zoo snel, of hij eijeren in zijne schoenen had. He runs as fast as if he had eggs in his shoes.
Hij moet vroeg op staan die alle man believen wil. He must rise betimes who would please everybody.
Hij moet wijd gapen, die tegen een oven gapen zal. He must gape wide who would gape against an oven.
Hij telt zijne kiekens, eer de eijers gelegd zijn. He counts his chickens before they are hatched.
Hij treedt zoo moedig als een Engelsche haan. He struts as valiantly as an English cock.
Hij verdient een’ stuiver en heeft wel voor een’ braspenning dorst. He earns a farthing and has a penn’orth of thirst.
Hij waar wijs die alle dingen te voren wist. He would be wise who knew all things beforehand.
Hij wacht lang, die naar eens anders dood wacht. He waits long that waits for another man’s death.
Hij wil vliegen eer hij vleugels heeft. He wants to fly before he has wings.